ORGEL- EN KLAVECIMBELCONCERT DOOR JOHAN BROUWER OP WOENSDAG 6 SEPTEMBER 2017 IN DE GROTE KERK TE OOSTHUIZEN

CV Johan Brouwer

Johan Brouwer  studeerde orgel bij Wim van Beek en muziektheorie bij
Frans van Eeden aan het Gronings Conservatorium, daarna klavecimbel aan het Amsterdams Conservatorium.  Na zijn solisten examen volgde verdere studie bij
Gustav Leonhardt. Hij deed masterclasses  bij Ton Koopman, René Saorgin en
Jos van Immerseel.

Johan Brouwer gaf concerten in Nederland, Frankrijk, Portugal, Engeland, Zweden en
Duitsland en was  verbonden als leider/klavecinist aan het Groninger barokorkest Collegium Musicum waarmee hij zich naast de grote traditionele werken uit de Barok toelegde op onbekend werk  uit de 17de en 18de eeuw  Daarnaast was hij lange tijd
verbonden als dirigent aan het Winschoter Kamerkoor, waarmee hij in samenwerking
met het Collegium Musicum Groningen veel 17e eeuwse muziek uitvoerde.

Johan Brouwer maakte diverse CD’s, o.a. een CD met zijn verzameling klavecimbels,
gebouwd door David Rubio, een CD met radio-opnames uit ’73 en ’83 gemaakt door
de NCRV op de Hinsz orgels van Midwolda en Appingedam en 2 CD’s in het boekje
35 jaar Collegium Musicum Groningen, waarin hij te beluisteren is als continuo speler
en dirigent. In 2012 verscheen een CD waarop werken worden gespeeld op het
beroemde Arp Schitger positief (1695) in Nieuw-Scheemda en op zijn Italiaanse klavecimbel, gebouwd door David Rubio (1977) naar Giovanni Giusti (1679). 
In 2014 verscheen een nieuwe CD  ‘Bach & de Franse Barok, gespeeld op een Frans
instrument, naar Pascal Taskin (1769).


 

Het klavecimbel gedeelte speel ik op een kopie van een  17e eeuws Frans klavecimbel,
gebouwd door David Rubio (1980)  naar een instrument van Antoine Vaudry (1681). 
De decoratie van het instrument (Chinoisserie) is een kopie van het origineel, gemaakt
door Ann Mactaggert.
Programma                                                 

1      -Myn siele Wylt den Herre met Lof sanch Prijsen,                          
         103 sallem                                 Susanne van  Soldt.  (MS
1591)                                                            
          
2       -Messa di Apostoli                             Girolamo Frescobaldi   (1583-1643)     
             *Toccata avanti la Messa
             * Kyrie eleison  * Christe eleison  * Kyrie eleison
             * Toccata avanti il Recercar 
             * Recercar Cromatico post il Credo

 3     -Toccata quarta per l’Elevatione  
Het orgel in Oosthuizen  is in eerste instantie natuurlijk voor liturgisch gebruik, de zetting van Psalm 103 is genomen uit het Susanne van Soldt manuscript (1591)            
De Messa di Apostli maakt gebruik van de oorspronkelijke gregoriaanse melodieën.uit de Missa In Festis duplicibus. De Gregoriaanse melodie klinkg meestal in lange noten in de tenor.
De Toccata Quarta werd gespeeld op het heiligste moment tijdens de Mis bij het opheffen van de hostie.  Je waant je even in de eeuwigheid.  
                                                                                
                                                                                                                 

4     -Fantasia VI                       Johann Jakob Froberger   (1616-1667)                  
                                         
       -Fantasia   Wt Re Mi Fa Sol La
De Fantasia’s van Froberger waren in zijn tijd al beroemd, de Fantasia  VI  is gebaseerd op een expressief thema, gecombineerd met een tweede thema.                                                                    De Fantasia  Ut Re Mi Fa Sol La  is gebaseerd op een 6 tonen reeks (Hexachord), we horen dit hexachord in wel 50 varianten.

Pauze  
             
5     -Suite f-moll                         Georg Böhm (1661-1733)                                                                                     
      
            *Allemande  *Courante  *Sarabande  *Ciaconne
Böhm was werkzaam in Lüneburg, de plaats waar Bach in zijn jeugdjaren verbleef.   De suites van Böhm zijn sterk beïnvloed door de suites van Froberger; de gespeelde suite in f-moll eindigt niet met de gebruikelijke Gigue maar met een Ciaconne, variaties op een tweetal eenvoudige basthema’s.

6      -Preludium, Fuge und Allegro Es-dur  bwv 998             Johann Sebastian Bach (1685-1750)
Misschien was dit stuk geïnspireerd door het werk van Böhm, Bach gebruikt dezelfde technieken, gebroken akkoorden (Stile brisé) en het is eveneens een driedelig werk, zoals Böhm’s Preludium, Fuge und Postludium in g-moll.               De  oorspronkelijke titel luid Preludio pur Luth ó cembalo maar is genoteerd in een klavier-notatie. De Fuga is een Da Capo fuga met in het middendeel weer de Stile brisé.  Het werk besluit met een levendig Allegro.

7      -Suite 2de pour le Clavessin  bwv 813                    Johann Sebastian Bach                                                                                           
 uit  -Notenbüchlein vor Anna Magdalena Bach       
Eerste versie (1722),

             *Allemande  *Courante  *Sarabande
De term Franse Suites stamt van de componist Marpurg, vermoedelijk vanwege het invoegen van allerlei ‘Galanterien’ in de latere versie. Deze vroege versie uit het Notenbüchlein vor Anna Magdala Bach geeft ook inzicht in het werkproces van Bach, vooral in de Courante heeft Bach later wijzigingen aangebracht.