Als klavecinist en organist kan Léon Berben worden beschouwd als meester in zijn vak. Zijn omvangrijke kennis van muziekgeschiedenis en historische uitvoeringspraktijken maken hem tot één van de leidende figuren onder de musici die tot zijn generatie van specialisten in oude muziek worden gerekend.
Hij is coauteur van artikelen voor Die Musik in Geschichte und Gegenwart en schijft ook geregeld voor andere vaktijdschriften.
Zijn cd-opnamen werden door de internationale pers lovend ontvangen en met grote regelmaat bekroond, onder andere met de Diapason d’Or, Monde de la Musique’s “Choc” alsook de Duitse Vierteljahrespreis der Deutschen Schallplattenkritik.
       Hij studeerde orgel en klavecimbel aan de conservatoria van Amsterdam en Den Haag bij onder andere Rienk Jiskoot, als laatste leerling van Gustav Leonhardt, Ton Koopman en Tini Mathot.
Hij was vanaf het jaar 2000 klavecinist van het door Reinhard Goebel geleide Musica Antiqua Köln, waarmee hij concerteerde over de hele wereld en voor onder meer Deutsche Grammophon / Archiv Produktion opnam.
       Sinds de opheffing van het ensemble eind 2006 richt hij zich volledig op zijn solocarrière, die hem voert naar vele internationaal gerenommeerde muziekfestivals.

Als titulair-organist is hij verbonden aan het historische orgel van de St. Andreaskerk in Ostönnen, waar een van de in oorsprong, oudst bespeelbare orgels ter wereld staat (c. 1425/1721). Hij is in deze funktie ook mede verantwoordelijk voor de concertserie.
Als klavecinist is hij lid van Concerto Melante, een ensemble (op historische instrumenten) van de Berliner Philharmoniker.